Begrenzing
Onder "neus en neusbijholten" wordt de bekleding van het inwendige van de neus en de neusbijholten verstaan. Aan de achterzijde gaat het slijmvlies ter hoogte van de choanen over in dat van de nasopharynx.
De neus holte bestaat uit de aan beide zijden van het septum gelegen holten begrensd door de laterale neuswand met conchae. De neusbijholten zijn de paarsgewijs aangelegde sinus maxillaris, ethmoidalis, frontales en sphenoidales.
Sites:
Histologie
Speciële anamnese
Diagnostiek
PA-onderzoek: hapje met tang, geen infiltratie-anesthesie; zonodig biopsie onder algehele narcose.
Beeldvormende diagnostiek:
Consult tandarts
TNM-classificatie
Vaststelling op grond van klinisch, röntgenologisch en endoscopisch onderzoek.
Sinus Maxillaris:
| Tis | pre-invasief carcinoom = carcinoma in situ |
| T1 | tumor beperkt tot de sinus maxillaris zonder botaantasting |
| T2 | tumor met boterosie/invasie (behalve achterwand) |
| T3 | tumor met doorgroei naar posterieur, of subcutaan, of huid van wang, of orbitawand mediaal of inferieur |
| T4a | tumor met uitbreiding in de orbita anterieur, of lamina cribriformis, of fossa infratemporalis, of pterigoid, of sinus sphenoidalis, of sinus frontalis |
| T4b | tumor met uitbreiding in de apex orbitae, dura, hersenen, middeste schedelgroeve, hersenzenuwingroei (behalve V2), nasopharynx, clivus |
Sinus Ethmoidalis en Neusholte
| Tis | pre-invasief carcinoom = carcinoma in situ |
| T1 | tumor beperkt tot een subsite in neus of ethmoid met/zonder botaantasting |
| T2 | Tumor invadeert 2 subsites of invadeert een aangrenzende site binnen de neus-ethmoid holte, met/zonder botinvasie |
| T3 | Tumor invadeert mediale wand orbita of orbitabodem, sinus maxillaris, palatum, lamina cribrosa |
| T4a | Tumor invadeert de voorste orbita inhoud, huid van neus of wang, minimale uitbreiding in voorste schedelgroeve, pterigoid, spenoid, sinus frontalis |
| T4b | Tumor invadeert de apex orbitae, dura, hersenen, middelste schedelgroeve, hersenzenuwen (behalve V2), nasopharynx, clivus |
Melanomen slijmvlies: (T1-2 bestaan niet)
T3 Epithelium/ submucosa (mucosal disease)
T4a Deep soft tissue, cartilage, bone, or overlying skin
T4b Brain, dura, skull base, lower cranial nerves, masticator space, carotid artery, prevertebral space, mediastinal structures, cartilage, skeletal muscle, or bone
STAGE GROUPING Mucosal melanoma
Stage III: T3N0
Stage IVA: T4aN0, T3-T4aN1
Stage IVB: T4b Any N
Stage IVC: Any T Any N M1
Stadiumindeling / NM-classificatie: zie inleiding
Behandeling
Inoperabele laesie: chemoradiatie
Bij operabele laesie: Chirurgische behandeling
1. (Partiele) Maxillectomie
2. Denker / Facial degloving / endoscopische resectie
3. Craniofaciale resectie (met neurochirurg)
T1: 192Iridium implantatie / uitwendige RT
T2-4 uitwendige radiotherapie
Hals
N0: Geen electieve behandeling van de hals. Wel nauwgezette stagering en follow-up.N+
Neusbijholte tumoren: Halsklierdissectie niveaus I t/m V aan aangedane zijde.
Vestibulum nasi carcinoom: Halsklierdissectie niveaus I t/m V plus parotidectomie.
Postoperatieve radiotherapie van de hals: zie inleiding
Follow-up: zie inleiding
Recidief
Neusbijholten tumorenVestibulum nasi tumoren
Chirurgie na radiotherapie, indien mogelijk. Eventueel met partiële bovenkaaksresectie met prothetiek.Metastasen op afstand zie inleiding