Wanneer de kaak, de speekselklieren of een gedeelte daarvan in het bestralingsgebied liggen, zal voorafgaand aan de bestraling een onderzoek door de tandarts plaatsvinden. Zowel mensen die hun eigen tanden en kiezen hebben als mensen met een kunstgebit komen hiervoor in aanmerking. Dit onderzoek bestaat uit:
Wanneer de speekselklieren in het bestralingsgebied liggen, kan het zijn dat de speekselklieren minder speeksel gaan produceren. Door gebrek aan speeksel ontstaat er een droge mond, waardoor er sneller tandbederf kan ontstaan. Om het gebit hiervoor te beschermen zal de tandarts fluoridekapjes maken (zie foto). Deze kapjes moet u dagelijks vanaf de eerste bestralingsdag gebruiken. De kapjes vult u met fluoridegelei 1% die u op recept krijgt. Na de bestraling, kan op advies van de tandarts het gebruik van de fluoridekapjes worden afgebouwd.

De procedure is als volgt:
Tijdens de bestraling
Om problemen aan het mondslijmvlies en tandvlees te beperken is het belangrijk dat u een gezonde mond heeft (en houdt) voordat u aan de bestraling begint. Heeft u eigen tanden of kiezen dan is het van groot belang dat u extra aandacht besteed aan mondhygiëne. Heeft u een uitneembare prothese, dan zijn onderstaande aanvullende adviezen raadzaam om op te volgen.
Dagelijkse mondverzorging bij een eigen gebit:
Dagelijkse mondverzorging bij een gebitsprothese:
Het is raadzaam om tijdens de hele bestralingsperiode uw mond regelmatig te laten controleren door de tandarts en/of mondhygiëniste. Zij kunnen mondproblemen ten gevolge van de bestraling signaleren en hier iets aan doen.
Na de bestraling
Na een bestraling op het hoofd-halsgebied is het raadzaam, vooral in de eerste periode na afloop van de bestraling, frequent uw tandarts en mondhygiëniste te bezoeken.
Het gebruik van de fluoridekapjes bij mensen met eigen tanden en kiezen worden meestal levenslang gebruikt. De bestraling kan namelijk ook op lange termijn mondproblemen veroorzaken.
Tijdens of na de bestraling op het hoofd-halsgebied mag u nooit uw tanden of kiezen laten trekken zonder dat dit met uw hoofd-halschirurg, radiotherapeut of tandarts van het NKI-AVL hebt besproken. Wanneer door uw huisarts of tandarts wordt gevraagd naar vroegere ziekten, vergeet dan nooit de bestraling te vermelden.
Na bestraling of chemoradiatie dient uiterst terughoudend te worden opgetreden met het verwijderen van tanden en kiezen omdat het risico op osteoradionecrosis groot is. Als voorzorg wordt 1 dag preoperatief gestart te worden met Augmentin, 3x625 mg (of Claritromycine 2x500 mg), te continueren tot 9 dagen postoperatief.
Bij osteoradionecrosis of vóór het plaatsen van implantaten in bestraald bot moet hyperbare zuurstof therapie (20 sessies ervoor en 10 erna) worden overwogen.
Wilt u naar aanleiding van het bovenstaande aanvullende inlichtingen dan kunt u de tandarts of mondhygiëniste (Heleen Flohil, tel: 020-5127802) om verdere informatie vragen.